© Frederik Beyens

Hoe schrijf ik in heldere taal?

Schrijven in klare taal is veel meer dan eenvoudiger formuleren. Het betekent ook dat je tekst een logische opbouw en een duidelijke lay-out heeft. Dat je boodschap concreet is. En dat de inhoud van je tekst een antwoord geeft op de vragen van de lezer. En het is een vaardigheid. Hoe meer je oefent, hoe beter het gaat.

Hoe schrijf ik in heldere taal?

Schrijven in klare taal is veel meer dan eenvoudiger formuleren. Het betekent ook dat je tekst een logische opbouw en een duidelijke lay-out heeft. Dat je boodschap concreet is. En dat de inhoud van je tekst een antwoord geeft op de vragen van de lezer. En het is een vaardigheid. Hoe meer je oefent, hoe beter het gaat.
© Frederik Beyens

Vóór het schrijven

Denk na over wie je lezers zijn. Maak een basisstructuur voor je tekst. Die bestaat uit:

  • de kernboodschap van je tekst
  • de vragen van je lezers over de kernboodschap
  • de vragen die belangrijk zijn voor de lezer, maar die hij zichzelf waarschijnlijk niet stelt

Rangschik de vragen van belangrijk naar minder belangrijk.

Tijdens het schrijven

Schrijf liever kort dan lang

  • Schrijf alleen de essentie. Schrap overbodige informatie.
  • Wissel lange zinnen af met korte zinnen (maximum 10 woorden).
  • Zet het onderwerp vooraan in de zin.
    • Schrijf niet: Volgende week om 10:00 hebt u een afspraak.  
    • Schrijf wel: U hebt een afspraak op 6 maart om 10:00.

Schrijf spreektaal in plaats van formele taal 

  • Gebruik alledaagse, eenvoudige woorden op B1-niveau
  • Gebruik internationale woorden. 
  • Vermijd vaktaal of leg het goed uit.
  • Vermijd figuurlijke taal.
  • Gebruik cijfers, maar schrijf de maanden voluit.  
  • Formuleer positief. Schrijf geen dubbele ontkenningen.
    • Schrijf niet: We willen vermijden dat sommige klanten geen mondmasker hebben.
    • Schrijf wel: We vinden het belangrijk dat elke klant een mondmasker kan kopen.

Gebruik een heldere structuur 

  • Gebruik eenvoudige woorden om verbanden duidelijk te maken zoals 'en', 'maar', 'want', 'omdat' of 'daardoor'.
  • Werk met duidelijke tussentitels of vraagjes. 
  • Gebruik korte opsommingen en lijstjes. 

Schrijf direct

  • Gebruik instructies, eventueel in combinatie met ‘alsjeblieft’.
  • Vermijd vage termen en afkortingen. 
  • Schrijf actief en vermijd passieve zinnen met ‘worden’. Zeg ook duidelijk wie wat doet. 
    • Schrijf niet: De facturen kunnen via overschrijving betaald worden.
    • Schrijf wel: U kan de facturen via overschrijving betalen.
  • Schrijf 'u' of 'jij' (vanuit de lezer), niet 'wij' (vanuit de organisatie).
    • Schrijf niet: Door het coronavirus zijn wij gedwongen voorlopig geen nieuwe inschrijvingen te aanvaarden. Zodra wij de club weer opstarten, worden de nodige registratieformulieren zo snel mogelijk toegestuurd.
    • Schrijf wel: Je kan nu geen lid worden. Wil je graag lid worden? Registreer je nu op onze website. Je krijgt alle documenten met de post wanneer de voetbalclub weer start. 

Zorg voor een duidelijke lay-out

  • Zorg voor voldoende witruimte.
  • Zet belangrijke woorden in het vet (niet onderstreept, schuingedrukt of in hoofdletters).

Na het schrijven

Leg je tekst weg. Lees hem de volgende dag nog eens na of laat hem nalezen door:

  • een collega 
  • iemand die het onderwerp niet kent
  • een leespanel, bijvoorbeeld een klas laaggeletterde cursisten of anderstaligen 

Bekijk ook