© Frederik Beyens

Hoe onthaal ik een anderstalige medewerker?

Iemand nieuw in dienst? Als werkgever wil je elke startende collega zo goed mogelijk opvangen. Sommige medewerkers met andere roots of een andere moedertaal zitten met extra bezorgheden zoals: 'Hoe zullen collega's reageren als ze mij voor het eerst zien?' of 'Zal ik alle documenten en gesprekken wel begrijpen?'

Hoe onthaal ik een anderstalige medewerker?

Iemand nieuw in dienst? Als werkgever wil je elke startende collega zo goed mogelijk opvangen. Sommige medewerkers met andere roots of een andere moedertaal zitten met extra bezorgheden zoals: 'Hoe zullen collega's reageren als ze mij voor het eerst zien?' of 'Zal ik alle documenten en gesprekken wel begrijpen?'
© Frederik Beyens

Met deze tips geef je ook hen een warm onthaal.

Stel de medewerker op zijn gemak

Voorzie genoeg tijd om de nieuwe collega te verwelkomen. Zeg wie je bent en wat je functie is in de organisatie. Stel je open, geïnteresseerd en vriendelijk op. Start met een paar algemene vragen om het ijs te breken zoals:

  • 'Ben je zenuwachtig?'
  • 'Hoe ben je naar hier gekomen?'
  • 'Moest je eerst de kinderen nog wegbrengen?'

Beperk je tot de essentie en neem documenten samen door

Op een eerste dag krijg je vaak veel informatie. Dat kan overweldigend zijn. Beperk je daarom tot de essentie en geef informatie in klare taal

  • Wat verwacht je van je medewerker?
  • Aan wie kan hij of zij vragen stellen?
  • Hoe ziet de dag eruit?

Neem documenten samen door of vul ze meteen samen in, bijvoorbeeld: 

  • een onthaalbrochure in klare taal
  • een instructiefiche
  • administratieve documenten

Geef een interactieve rondleiding

Stel tijdens je rondleiding vragen zoals ‘Ken je dit?’, ‘Heb je hier al eens mee gewerkt?’. Zo weet je waar je langer bij moet stilstaan. 

Faseer je uitleg: 

  • Splits een taak op in deeltaken. 
  • Pauzeer en maak oogcontact. 
  • Demonstreer zoveel mogelijk, laat bijvoorbeeld zien hoe een machine werkt.
  • Check of de collega het begrepen heeft via open vragen zoals:
    • 'Wat ga je doen?'
    • 'Wanneer ga je dit doen?'
    • 'Waar moet je dit leggen?’

Koppel de nieuwe medewerker aan een collega

Kies een hulpvaardige collega als meter of peter. Benadruk dat deze persoon open staat voor alle vragen, zeker ook als een woord of uitleg niet duidelijk is. 

Spreek af met collega’s wat zij kunnen doen

Bijvoorbeeld:

  • in klare taal spreken
  • opvangen tijdens pauzes, zoals meenemen naar de refter of de omkleedruimte
  • regels op het werk samen doornemen, bijvoorbeeld over kleren of taal

Herhaal of maak taalafspraken met alle collega’s: 

  • waar en wanneer je Nederlands spreekt
  • wanneer je overschakelt naar een andere taal

Bekijk ook